Een nieuwe balans in het erkennen en waarderen van wetenschappers
Standpunten
Contact
In november 2019 publiceerden UNL, UMCNL, KNAW, NWO en ZonMw de position paper Ruimte voor ieders talent. Daarin spraken de organisaties de gezamenlijke ambitie uit om het werk van wetenschappers breder te erkennen en waarderen, met meer oog voor de verschillende kerndomeinen waarin zij werkzaam zijn: onderwijs, onderzoek, impact, leiderschap en patiëntenzorg.
Om deze verandering mogelijk te maken, moderniseren we het systeem van erkennen en waarderen. Deze transformatie richt zich op het versterken van de kwaliteit in alle kerngebieden: onderwijs, onderzoek, impact, leiderschap en (binnen de universitair medische centra) patiëntenzorg.
Contact
Waarom is een verandering in het erkennen en waarderen van wetenschappers nodig?
Veel wetenschappers ervaren een gebrek aan waardering, doorgeschoten competitie en een te eenzijdige nadruk op onderzoeksprestaties. Daardoor worden talenten en bijdragen op andere gebieden onvoldoende gewaardeerd en komen ook de bredere ambities van kennisinstellingen onder druk te staan. De nadruk op traditionele, meetbare outputindicatoren, zoals aantallen publicaties, de h-index en journal impact factor, is bovendien medeverantwoordelijk voor de hoge werkdruk in de wetenschap.
De diversiteit aan kwaliteiten die wetenschappers nodig hebben om kwalitatief hoogwaardig onderwijs te geven, interdisciplinair onderzoek te doen én samen te werken met actoren in de maatschappij die dit kunnen doorontwikkelen, vraagt juist om een rijker en genuanceerder palet van kwantitatieve en kwalitatieve methoden en indicatoren. Al deze complexe wetenschappelijke en maatschappelijke uitdagingen vragen steeds vaker om samenwerking. Dat vraagt om een systeem waarin zowel het unieke talent en de prestaties van individuele wetenschappers als hun bijdrage aan collectieve doelen worden gewaardeerd.
Wat willen we veranderen?
Met het programma Erkennen & Waarderen werken Nederlandse kennisinstellingen aan een nieuwe manier van (samen)werken in de academie en een modernisering van het systeem. Daarin creëren we meer differentiatie en dynamiek in loopbaanpaden, leggen we meer nadruk op kwaliteit en minder op kwantitatieve resultaten, zoeken we naar een betere balans tussen individuele en collectieve prestaties, stimuleren we hoogwaardig leiderschap en bevorderen we open science.
Dit vraagt om meer dan nieuwe instrumenten en procedures. De ambities van Erkennen & Waarderen vragen om een wezenlijke verandering in gedrag en leiderschap en daarmee om een diepgaande cultuurverandering.
Die verandering vindt primair plaats binnen de instellingen zelf: op het niveau van faculteiten, departementen, instituten, afdelingen en teams. Alle betrokken instellingen hebben daarom een eigen visie en veranderaanpak die aansluiten bij de strategie en context van de organisatie. Tegelijkertijd werken de instellingen binnen het landelijke programma samen, wisselen zij ervaringen uit en leren zij van elkaar.
Na een periode van experimenteren en leren werd in 2023 met de routekaart Ruimte voor ieders talent in de praktijk een volgende fase ingezet. De vijf speerpunten van het programma werden daarin vertaald naar concrete acties voor de periode 2023–2026. Daarmee verschoof het accent steeds meer van visieontwikkeling en experimenteren naar implementatie en verankering in de praktijk.
Waar staan we nu, halverwege 2026?
De afgelopen jaren zijn in heel Nederland zichtbare stappen gezet. Universiteiten en umc’s vernieuwen loopbaanpaden, ontwikkelen andere manieren om kwaliteit van onderwijs, onderzoek en maatschappelijke impact te beoordelen, investeren in teamvorming en open science en ondersteunen leidinggevenden bij een meer waarderende en inclusieve manier van leidinggeven. Uit een enquête onder alle decanen in 2025 blijkt dat er brede steun is voor de doelen van Erkennen & Waarderen. Bijna de helft van de faculteiten bevindt zich inmiddels in een overgangsfase, waarin beleid en processen worden herzien en actief wordt gewerkt aan implementatie.
Een belangrijke ontwikkeling is dat alle instellingen inmiddels meerdere loopbaanprofielen of loopbaanaccenten hebben ontwikkeld en gedeeltelijk of volledig geïmplementeerd. Zo kunnen wetenschappers zich nadrukkelijker ontwikkelen en onderscheiden op verschillende academische domeinen.
Tegelijkertijd komt er meer aandacht voor kwaliteit. Nieuwe beoordelingskaders kijken nadrukkelijker naar de kwaliteit van onderwijs, de inhoudelijke bijdrage in onderzoek, samenwerking en maatschappelijke impact van wetenschappers. Dat is onder andere zichtbaar in instrumenten zoals het evidence-based CV van NWO. Daarin krijgen wetenschappers meer ruimte om hun bijdrage en ambities te beschrijven en wordt een bredere definitie van wetenschappelijke output gehanteerd. Niet alleen publicaties tellen mee, maar bijvoorbeeld ook datasets, patenten en software.
Ook het samenwerken in teams en de verbinding van elke individuele wetenschapper met het groter geheel (gezamenlijke doelen) krijgt steeds meer aandacht. Wetenschappelijke kwaliteit, hoogwaardig onderwijs en impact komen immers vaak tot stand in teams waarin verschillende disciplines, rollen en talenten elkaar versterken. Instellingen investeren daarom in teamvorming en verbinden individuele loopbaanontwikkeling steeds nadrukkelijker aan team- en organisatiedoelen. Strategische personeelsplanning helpt om zichtbaar te maken welke kennis, vaardigheden en competenties binnen teams nodig zijn en hoe individuele talenten daaraan kunnen bijdragen.
Leiderschap is een belangrijke voorwaarde om deze veranderingen in de dagelijkse praktijk te laten landen. Via opleidingen en leiderschapsprogramma’s worden leidinggevenden ondersteund bij het waarderend en inclusief begeleiden van medewerkers en teams. Ook HR-processen veranderen mee. De principes van Erkennen & Waarderen zijn bij verschillende instellingen inmiddels verwerkt in jaargesprekken en ontwikkelinstrumenten, waardoor naast prestaties ook ontwikkeling, samenwerking en welzijn nadrukkelijker onderdeel van het gesprek worden. Daarmee krijgt de beweging steeds concreter betekenis voor wetenschappers op de werkvloer.
Onderdeel van een bredere beweging
De Nederlandse beweging staat niet op zichzelf. Internationaal groeit het draagvlak voor een andere manier van erkennen en waarderen. Honderden organisaties hebben zich aangesloten bij de Coalition for Advancing Research Assessment (CoARA). Ook Nederland heeft inmiddels een eigen National Chapter, waarin universiteiten, hogescholen, instituten en financiers kennis uitwisselen en gezamenlijk bijdragen aan de internationale hervorming van research assessment. Ook de internationale beweging rond open science sluit hier nauw op aan.
Hoewel er veel is bereikt, is Erkennen & Waarderen niet ‘af’. Het blijft een lerende beweging. Via onder meer de cultuurbarometer en gesprekken met betrokkenen volgen we de ontwikkelingen: wat werkt goed, waar lopen wetenschappers en instellingen tegenaan en waar kunnen we verbeteren? Die inzichten gebruiken we om de transitie verder te versterken en te borgen.
Zo bouwen we stap voor stap aan een academische cultuur waarin kwaliteit, samenwerking en divers talent duurzaam worden erkend en gewaardeerd.