‘Nationale Nieuwsgierigheidsagenda’

Wat wil Nederland op de Nationale Wetenschapsagenda? De kenniscoalitie, bestaande uit KNAW, NWO, NFU, TO2, Vereniging Hogescholen, VNO-NCW, MKB Nederland en de VSNU, slaat de handen ineen om onder voorzitterschap van Alexander Rinnooy Kan en Beatrice de Graaf in 2015 de Nationale Wetenschapsagenda op te stellen.

Opbrengst:

11.7000 vragen

 

De basis van de Nationale Wetenschapsagenda vormen 11.700 vragen, in april 2015 ingediend door betrokken en nieuwsgierige mensen. Daaruit zijn met inzet van KNAW-jury’s 140 clustervragen gedestilleerd. Deze vormen het fundament voor ‘routes’ waarmee nieuwe verbindingen over de gehele onderzoekketen kunnen worden gelegd.

Op 27 november wordt de Nationale Wetenschapsagenda gepresenteerd aan de ministers van OCW en EZ en de staatssecretaris van OCW. Tegelijkertijd wordt de Wetenschapsagenda door deze bewindslieden namens het Kabinet aan de Tweede Kamer aangeboden.

De VSNU heeft zich steeds hard gemaakt voor het behouden van onze universitaire hoogvlakte. Daarmee scoort Nederland als kennisland internationaal hoge ogen en blijft er ruimte voor fundamenteel onderzoek om daarmee een voedingsbodem te houden voor echte doorbraken.

 

Eureka!

 

Tijdens het EUREKA! Festival, op zondag 29 november, wordt de Nationale Wetenschapsagenda in Amsterdam aan het publiek gepresenteerd. Alle universiteiten werken aan dit festival mee via lezingen, debatten, spannende live experimenten, proeven, mini-colleges en films. Hoe komen rokers van hun verslaving af? Wordt slapen ooit overbodig? Waarom worden we zo geraakt door muziek? En kunnen we melk maken uit gras? Deelnemers kunnen voetballen met robots, wandelen door hersenen en ervaren hoe het is om aan Crime Scene Investigation te doen. Het EUREKA! Festival laat zien hoe relevant, interessant en veelzijdig de wetenschap is.

Bron: VSNU

Kansen voor sociale wetenschappen

 

Tijdens een VSNU-café lanceert Paul Schnabel het Sectorplan Sociale Wetenschappen. Volgens hem toont dat haarfijn aan dat onderzoek in deze sector onder druk staat. Door het grote aantal studenten dat een maatschappij- of gedragswetenschap studeert (naar schatting 50.000 van de 250.000 studenten) is de onderwijsbelasting namelijk enorm groot. Bovendien worden sociale wetenschappen in vergelijking met andere wetenschappen ondergefinancierd, stelt hij. Volgens OCW-minister Jet Bussemaker biedt de Nationale Wetenschapsagenda een kans om de sector te profileren: “Laat maar zien wat je in huis hebt, binnen de sociale wetenschappen en daarbuiten.”

 

Onverwachtse verbindingen

 

In de Fokker Terminal in Den Haag vinden op 16, 17 en 18 juni drie conferenties plaats over de voortgang van de Nationale Wetenschapsagenda. Deelnemers bepalen gezamenlijk welke van de vragen en thema’s relevant zijn voor de wetenschap zelf (Science for Science), voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken (Science for Society) en voor het benutten van economische kansen (Science for Competitiveness). Daarin worden allerlei onverwachtse verbindingen gelegd. Met deze conferenties zetten de partners van de kenniscoalitie een volgende belangrijke stap in de richting van de Nationale Wetenschapsagenda.

Bron: VSNU

In de media